
Werkgevers en werknemers moeten zelf verantwoordelijk zijn voor de werkloosheids¬verzekering in de eerste zes maanden. De werkgever moet de werknemer in dienst houden of tenminste het loon doorbetalen. Zo ontstaat een wederzijds belang om te voorkomen dat werknemers werkloos worden.
Werkloos worden is geen optie
Een baan voor het leven is al lang niet meer vanzelfsprekend. Het goede nieuws is dat er zoveel werk is dat niemand later werkloos hoeft te raken. Maar dat gaat niet vanzelf. Het betekent vooruit kijken en vooruit in actie komen, zodat je een gewilde werknemer blijft. Het CNV helpt je daarbij. Door samen met jou je loopbaan up-to-date te houden en door met je werkgever een volgende baan te vinden als werkloosheid dreigt en door voor meer zekerheid te zorgen. Uiteraard ben je ook zelf verantwoordelijk en moet je in actie komen. Maar met elkaar ziet de toekomst er dan een stuk leuker en veiliger uit.
WW: Sociale partners krijgen de regie
Werkgevers en werknemers moeten de eerste zes maanden zelf verantwoordelijk zijn voor het organiseren van de werkloosheidsverzekering. Je werkgever moet je in dienst te houden of je loon doorbetalen. Daarna ben je met je werkgever verantwoordelijk voor instroom, doorstroom en uitstroom in de sector of in de regio. Pas daarna komt de overheid in beeld. Zo ontstaat een wederzijds belang om te voorkomen dat werknemers werkloos worden. Het belang om sociale plannen af te sluiten en daarin afspraken te maken over de bemiddeling van werk naar werk blijft.
Werk en salaris in plaats van geld
In plaats van een ‘gouden handdruk’ kan een bedrijf ervoor kiezen werknemers in dienst te houden. Zij krijgen een uitkering, blijven beschikbaar voor het bedrijf en benutten de werkloze periode voor om- en bijscholing en (externe) stages.
Mobiliteit en CAO
Door middel van CAO-afspraken kun je mensen van de ene naar de andere baan helpen via een mobiliteitscentrum. In een mobiliteitscentrum wordt overtollig personeel geholpen met opleidingen, training en financiële regelingen om buiten het bedrijf aan het werk te gaan.
We moeten soms met een kleinere ploeg verder, zodat we kunnen overleven of doorstart maken.
Er moete een prikkel zijn om aan het werk te komen of te blijven.